
Begin jaren ’70 ontwikkelde Kalmeijer een machine die het opmaken van brood blijvend veranderde. Voor het eerst werd een deegstuk machinaal twee keer ontgast: bij het toevouwen én bij het opmaken. Daarmee kwam techniek opvallend dicht bij het handwerk van de bakker. Het toevouwapparaat (KTA) werd al snel de ‘gouden handjes’ genoemd, een bijnaam die alles zegt over de waardering van de machine in de bakkerij.
Halverwege de jaren ’80 volgde de KTO, een nieuwe generatie toevouw- en opmaakmachine. Deze bleef maar liefst 28 jaar in productie en bewees zich als betrouwbaar werkpaard in talloze bakkerijen. Wat begon als een innovatieve stap vooruit, groeide uit tot een vaste waarde in het ambacht, steeds met dezelfde gedachte: techniek die het werk van de bakker ondersteunt en versterkt.

In 2011 besloot Kalmeijer opnieuw vooruit te kijken. De markt veranderde, net als de wensen vanuit de bakkerij. Dat leidde in 2014 tot de introductie van de KVTO, een nieuwe generatie toevouw- en opmaakmachine.
De belangrijkste vernieuwing is de variabel instelbare toevouwslag. Met meerdere standen kan de opentrekmaat nauwkeurig worden bepaald, afgestemd op het gewenste deegresultaat. De besturing is volledig gemoderniseerd: frequentieregelaars en een PLC hebben de oude relaistechniek vervangen. Deze PLC is een soort kleine computer, die een voorgeprogrammeerd draaiboek afwerkt. Bovendien is door het gebruik van meerdere elektronische componenten het elektrische vermogen in vergelijking met de voorgaande KTO met circa 30% verminderd. Dit zorgt voor meer precisie en betrouwbaarheid én circa 30% minder energieverbruik dan bij de vorige generatie.
Ook mechanisch is de machine verder ontwikkeld. Robuustere schakelaars, slim gepositioneerde riemen en verbeterde componenten zorgen voor minder storingen en lagere onderhoudskosten. Daarnaast is het gewichtsbereik vergroot tot 1300 gram, waardoor ook grotere broodsoorten moeiteloos verwerkt kunnen worden.
De KVTO is daarmee een bijzonder stukje techniek. Een doordachte stap vooruit, gebouwd met respect voor het ambacht en met oog voor de praktijk van vandaag.
Achter iedere mooie broodvorm schuilt een doordacht proces. De KVTO is zo ontworpen dat techniek en ambacht naadloos samenwerken: gecontroleerd, nauwkeurig en betrouwbaar. Geen ingewikkelde handelingen, maar slimme techniek die zorgt voor grip op het deeg en een constant opmaakresultaat.
Zodra het deegstuk vanuit de rijsautomaat op de aanvoerband van de KVTO valt, registreert de fotocel de positie van het deeg. Deze signalen worden doorgegeven aan de PLC. Een PLC (Programmable Logic Controller) is een industriële mini-computer die alle bewegingen van de machine aanstuurt volgens een vast programma. Hierdoor werkt de machine steeds gecontroleerd en reproduceerbaar.
De PLC leest direct welke toevouwstand is gekozen en past de beweging daarop aan. Bij ieder nieuw deegstuk controleert het systeem opnieuw de ingestelde waarde, zodat elk stuk identiek wordt verwerkt.
Het deeg wordt eerst ontgast via instelbare walsen met een bereik van 3 mm tot 16 mm. Ontgassen betekent dat overtollige lucht uit het deeg wordt gedrukt, wat zorgt voor een gelijkmatige kruimstructuur.
Daarna start de toevouwbeweging. Met de keuzeknop A-B-C-D wordt de gewenste opentrekmaat ingesteld. Deze maat bepaalt hoe ver het deeg wordt opengetrokken en heeft invloed op de lengte en structuur van het uiteindelijke brood.
De toevouwbeweging wordt uitgevoerd door twee energiezuinige EC-gelijkspanningsmotoren. EC-motoren zijn moderne motoren die nauwkeurig regelbaar en energiezuinig zijn.
Stappentellers meten elke draaiing van de motor. Ze tellen de afzonderlijke “stappen” die de motor maakt, waardoor exact wordt bepaald hoe ver de toevouwbeweging opent. Meer stappen betekent een grotere opentrekmaat. Dit zorgt voor constante resultaten en minder slijtage van de motoren.
Na het toevouwen vormt het deeg zich in het bekende envelopmodel. De afvoerband wordt aangedreven door een motor met frequentieregelaar. Een frequentieregelaar regelt elektronisch het toerental van de motor, waardoor de snelheid stabiel blijft en de aandrijving betrouwbaarder is dan bij oudere systemen met tijdrelais.
Het deeg gaat vervolgens rechtstreeks naar het opmaakgedeelte, zonder tussenrollenbaan. De opmaakwalsen zijn instelbaar van 5 mm tot 15 mm, verdeeld over 11 standen. Dit biedt meer flexibiliteit voor verschillende deegsoorten en broodmaten.
Ook het onderhoud is vereenvoudigd. De vilten drukplaat is gemonteerd op een losse inlegplaat en kan eenvoudig worden vervangen. Daarnaast is de oude kramband vervangen door een duurzame eindloze transportband, die tijdens regulier onderhoud wordt gemonteerd. Dit vermindert stilstand en verhoogt de bedrijfszekerheid.



De ontwikkeling van de KVTO laat zien dat innovatie bij Kalmeijer geen doel op zich is, maar een continu proces dat voortkomt uit de praktijk van de bakkerij. Elke technische verbetering, van besturing tot mechanica, is gericht op betrouwbaarheid, efficiëntie en constante productkwaliteit. Door te blijven luisteren naar signalen uit de markt en mee te denken met bakkers, ontstaan machines die niet alleen technisch vooruitstrevend zijn, maar vooral waarde toevoegen op de werkvloer. Zo blijft techniek in dienst staan van het ambacht, vandaag en in de toekomst.